|
AGE Belastingservice - VMB Advies |
|
|
|
Nieuwsbrief Februari 2001, eerste jaargang, nieuwsbrief nr. 1 In deze nieuwsbrief komen de volgende onderwerpen aan bod:
1. TEGEMOETKOMING
LIJFRENTEAFTREK BIJ PENSIOENTEKORT In het jaar 2001
kan iedereen een lijfrentepremie aftrekken tot maximaal f 2.283, de
zogenoemde basisruimte. Echter neemt u deel aan een spaarpremieregeling
dan kan dat uw premieaftrek verlagen. Het maximaal aftrekbare
bedrag van f 2.283 wordt namelijk verminderd met de premiespaar- en
spaarloonbedragen die zijn gedeblokkeerd ter voldoening van vrijwillig
te betalen premies ingevolge een pensioenregeling. Indien de jaarruimte niet of niet helemaal is benut, bestaat gedurende zeven jaar de mogelijkheid om deze ruimte voor premieaftrek alsnog te gebruiken. 2. ZAKELIJKE
MAALTIJDEN IN 2001 Van een zakelijke maaltijd is sprake indien deze wordt genuttigd ter zake van overwerk of werken op koopavonden. Maar ook tijdens dienstreizen of reizen in het werk van mobiele of ambulante werknemers zoals vertegenwoordigers of accountants. Ook maaltijden welke worden genuttigd tijdens een zakelijke bespreking buiten de vaste werkplek of tijdens werkzaamheden op niet permanente locaties, bijvoorbeeld wegenbouwers, bouwvakkers e.d. worden als zakelijk aangemerkt. Volgens de nieuwe regels mag een werkgever maximaal 80 keer per jaar haar werknemer onbelast een maaltijd verstrekken of onbelast vergoeden, indien er sprake is van een zogenaamde zakelijke maaltijd. Het maximum van 80 maaltijden is het totaal van de verstrekte en de vergoede maaltijden samen. Indien er meer dan 80 maaltijden worden verstrekt en / of vergoed dan dient de werkgever voor elke koffie of lunch maaltijd f. 3,04 ( 1,38 euro) bij het loon te tellen. Voor elke warme maaltijd bedraagt de bijtelling f. 6,10 (2,77 euro). Is de maaltijd niet zakelijk, dan is de vergoeding/verstrekking geheel belast. Voor maaltijden in een bedrijfskantine geldt overigens een speciale, afwijkende regeling. 3. GEEN LOONHEFFING
OVER NIET-VERHAALDE VERKEERSBOETES VRACHTWAGENCHAUFFEURS Een transportonderneming
met ongeveer 100 vrachtwagens betaalde de boetes die haar chauffeurs
onder werktijd hadden opgelopen. Het betrof onder meer boetes
wegens te zware belading, boetes wegens overtreding van de Rijtijdenwet
en boetes wegens overtreding van de maximumsnelheid al of niet in
het buitenland opgelopen. In een aantal gevallen is het dus mogelijk dat de werkgever eventueel ontvangen verkeersboetes voor zijn rekening neemt zonder dat hierover belasting moet worden betaald. Een en ander is wel afhankelijk van de feitelijke omstandigheden. 4. TIEN REDENEN WAAROM UW SALARISSTROOK ER ANDERS UIT ZIET Inmiddels zijn de eerste loonstrookjes met het loon van het nieuwe jaar ontvangen. Deze loonstrookjes blijken nog veel vragen op te roepen. Hierna volgen 10 redenen waarom de salarisstrook er anders uit kan zien. 1. De overhevelingstoeslag is weg en mijn loon daalt. Klopt! De werkgever is verplicht het loon daarom met 1,9% te verhogen. Het kan zijn dat de werkgever dat is vergeten. Het brutoloon daalt dan maximaal met bruto f 145 per maand of zo'n f 85 netto per maand. 2. De overhevelingstoeslag is weg en mijn loon stijgt. Ook kan het salaris per ongeluk 2 x verhoogd zijn: in de CAO en nogmaals door de werkgever. Het maximale voordeel: bruto f 145 per maand of f 85 netto per maand. 3. Ik ben kostwinner en mijn nettoloon daalt. Ook 'correct', bij het inhouden van de loonbelasting wordt 'met uw partner' geen rekening meer gehouden. Iedereen heeft zelfstandig recht op zijn of haar eigen heffingskorting en meer niet. De partner kan bij de belastingdienst haar eigen heffingskorting terug vragen. In gedeelten per maand of ineens na afloop van het jaar. De kostwinner gaat er per maand afhankelijk van zijn inkomen tot enkele honderden guldens netto op achteruit. Dat kan minder zijn als gevolg van de lagere belastingtarieven. De partner krijgt echter (maximaal) f 3.473 'cadeau' van de belastingdienst. 4. Ik ben kostwinner, maar mijn nettoloon stijgt. Dat kan. In feite gebeurt het zelfde als bij punt 3 hiervoor. Maar ook de belastingtarieven zijn verlaagd. Het verlagen van de belastingtarieven compenseert met name bij hogere inkomens de achteruitgang als gevolg van de introductie van de heffingskorting. Het voordeel bedraagt bij een loon van zo om en nabij een ton enkele honderden guldens maar kan oplopen tot vele duizenden guldens per maand. 5. Ik ben alleenstaande ouder en mijn nettoloon daalt. Alleenstaande ouders betalen minder belasting. Vroeger (tot en met 2000) hield de werkgever daar rekening mee. Hij hield minder loonbelasting in waardoor het nettoloon hoger was. Met ingang van 2001 moet de alleenstaande ouder naar de belastingdienst stappen. Die verleent de alleenstaande ouder de belastingkorting. Alleenstaande ouders hebben recht op een teruggave van belasting die kan oplopen tot zon f 6.000 op jaarbasis. 6. Ik ben alleenstaande ouder en mijn nettoloon stijgt. Zie ook 5 en 4. De belastingtarieven zijn gedaald. Let op! Toch moet de alleenstaande ouder naar de belastingdienst. Daar wacht mogelijk nog een extra teruggave van f 6.000. 7. Ik heb een OV-jaarkaart van mijn werkgever. In 2000 moest ik daar nog een tientje of twaalf gulden voor betalen aan mijn werkgever. Ook dat heeft te maken met de nieuwe belastingregels. De belasting over de OV-jaarkaart wordt met ingang van 2001 betaald door de werkgever. Veel scheelt het niet, maar vooruit alle kleine beetjes helpen. De werknemer gaat er een paar gulden per maand op vooruit. 8. De werkgever betaalt mijn telefoonrekening. In 2000 was mijn eigen bijdrage f 41, nu is dat f 50. Die verhoging is ook (mede) een gevolg van het nieuwe belastingstelsel. Telefoonkostenvergoedingen zijn alleen nog maar belastingvrij voor zover die meer bedragen dan f 50 gulden per maand. De werknemer levert het voordeeltje van punt 9 weer in. Hij gaat er enkele guldens op achteruit. 9. Op mijn loonstrookje staat plotseling een onbelaste koffievergoeding. De werkgever is alert. Vanaf 1 januari 2001 mag de werkgever kleine consumpties (koffie, thee, fris e.d.) niet alleen belastingvrij verstrekken, maar hij mag (in de plaats daarvan) ook een belastingvrije vergoeding geven. Het voordeel bedraagt voor de werknemer maximaal zon f 6 per week. 10. Ik reis niet met het openbaar vervoer. Mijn reiskostenvergoeding is gedaald. Weer het nieuwe belastingstelsel. Sommige belastingvrije reiskostenvergoedingen zijn gedaald. Nadeel voor de werknemer: maximaal zon f 15 per maand. Een schrale troost: werknemers die geen reiskostenvergoeding krijgen mogen (als ze niet met het openbaar vervoer reizen) met ingang van 2001 helemaal geen reiskosten meer aftrekken. Dat nadeel is veel groter. 5. VRIJSTELLING SCHENKINGSRECHT OUDERS AAN KINDEREN Het bedrag dat ouders jaarlijks belastingvrij aan hun kinderen mogen schenken, is dit jaar gesteld op f 8.545. Ouders kunnen eenmalig tot f 42.727 belastingvrij schenken aan kinderen tussen de 18 en 35 jaar. Op deze verhoogde vrijstelling moet een beroep worden gedaan in de aangifte voor het schenkingsrecht. De termijn voor het indienen van de aangifte verstrijkt twee maanden na het jaar waarin de schenking plaatsvond. Dit betekent dat de aangifte voor schenkingen die vorig jaar hebben plaatsgevonden, vóór 1 maart 2001 moet zijn ingediend bij de belastingdienst. De aangifte voor schenkingen die dit jaar plaatsvinden moet vóór 1 maart 2002 bij de belastingdienst zijn ingediend. 6. TELEFOONREGELING IN 2001 De telefoonregeling ziet er vanaf 1 januari 2001 als volgt uit.
7. WET WAARDERING ONROERENDE ZAKEN Begin 2001 gaan gemeente de waardebeschikkingen versturen voor de belastingjaren 2001 tot en met 2004. De waarde die op deze beschikking staat vermeld, gaat voor niet-woningen gelden voor de onroerende zaakbelastingen en de waterschapsomslag voor gebouwde onroerende zaken. Voor eigen woningen geldt de WOZ waarde bovendien voor het eigenwoningforfait (Box 1). De op de waardebeschikking genoemde waarde, geldt in beginsel voor vier jaar. Als u twijfelt aan de door de gemeente vastgestelde waarde, is het van groot belang om tijdig bezwaar in te dienen. Geen of niet tijdig bezwaar indienen tegen de waardebeschikking betekent dat de waarde voor vier belastingjaren onherroepelijk vaststaat. Het is dus belangrijk dat u tijdig, dat wil zeggen binnen zes weken na dagtekening van de waardebeschikking reageert.
|